Stedenwijzertje

  • Stedenwijzertje, collectie Historisch Centrum Overijssel
02-08-2019

Voor u ziet u een stedenwijzer. Het origineel is opgeborgen in het kaartendepot van Historisch Centrum Overijssel in Zwolle en is 19x22 cm. Op de omslag staat inventarisnummer 2, KC RAO, ofwel dit exemplaar hoort bij toegang 0266.1, de kaartencollectie van het oude Rijksarchief. In de oude getypte inventaris lezen we: ‘Nieuwe Steedenwijzer over de XVII Nederlandsche provincien etc. om op 800 verscheyde vraagen te beantwoorden hoe veel men gaans der selve voornaamste steeden van malkander gelegen zijn. In ’t koper gebragt door Jacob Keyser, plaatsnijder tot Almelo. Tot Deventer uitgegeven door Jan de Lat, 1732. NB. Zeer nut om by geval iets omtrent dier plaatsen voorviel of de zelve wil bryzen [op de stedewijzer staat Beryzen] soo ziet men hier de distantsi, kan in almanakken of sakboekies bij zich gedraage worden’.

Stedenwijzertje, collectie Historisch Centrum Overijssel
Van dergelijke stedenwijzers, of afstandstabellen zijn er meerdere gemaakt. Wie zoekt op rijksmuseum.nl met treffer Jacob Keyser, vindt er nog een. Onze stedenwijzer is mooi ingekleurd en heeft, -net als die van het Rijks- een prachtige kompasroos. De kompasroos op deze echter is bruin ingekleurd, wat iets aan het afgebeelde afdoet, want die van het Rijksmuseum ziet het er met groen mooier uit. Maar dat mag de pret niet drukken. Het lijkt alsof een gekartelde lijn het blad papier van linksboven naar rechtsonder in tweeën deelt. Door die tweedeling blijft boven de tabel ruimte over voor uitleg, waarin uiteengezet wordt hoe handig de tabel is.

De makers Jan de Lat en Jacob Keyser zijn bekend. Keyser was volgens de website van de Rijksdienst van Kunsthistorische Documentatie in de eerste helft van de achttiende eeuw (1719 tot 1747) werkzaam in Amsterdam en in Almelo. Hij was tekenaar, graveur, prentmaker en cartograaf. De Lat -zo staat er onder de windroos geschreven- was konst-, kaart- en boekverkoper. Hij was gevestigd aan de Nieuwstraat in Deventer. Geboren in ongeveer 1690 en aldaar overleden in 1756. Naast verkoper was hij ook uitgever. Van 1734 tot 1747 werkten de twee heren samen voor het uitgeven van zakatlasjes. De datering van ons stedenwijzertje (1731) valt daar iets buiten. Bij de omschrijving staat dat de tabel in een zakatlas gedragen kan worden.

Bovenaan over het hele blad staat in lange zinnen waar om het gaat: de afstanden tussen de belangrijkste steden van de zeventien Nederlandse Provinciën. Zwolle staat helemaal onderaan. Dat heeft niets met belangrijkheid te maken, maar de steden zijn gerangschikt op alfabetische volgorde. In een roze vlak eronder staat een omrekening naar andere Europese afstandseenheden, zoals Franse mijlen, zowel gewone, grote als kleine. Er werd onderscheid gemaakt tussen Engelse (groot en klein), Schotse en Ierse (Ierlandsche) mijlen. Toen reikte Europa ver, want ook Moscoviesche wursten (wersten) komen in het schema voor. In het groene gedeelte komen de meeteenheden aan de orde; passen, palmen, voeten, roeden, duymen en zelfs een tree. Het kompas legt uit dat de winden uit alle richtingen kunnen waaien. Naast de kompasroos staat schematisch uitgelegd hoe we de tabel kunnen hanteren.

Hoe lees je een stedenwijzer? Het vergt enig kijkwerk, maar het principe werkt snel en eenvoudig. Bijvoorbeeld: vanuit Zwolle willen we naar -pak ‘m-beet- Kampen. Bij het woord Campen zien we een zwartig vierkantje, hier gaan we naar beneden, precies zoals het voorbeeld naast het kompas aangeeft. Gelukkig zijn er verschillende kleuren gebruikt, dat maakt het allemaal een stuk overzichtelijker. We volgen de reeks getallen tot we bij de regel van Zwolle (Zwol) zijn beland. 3. Drie ‘…Uren gaans’. Aangenomen dat de makers van centrum tot centrum rekenden, kunnen we een mooie vergelijking maken. Tegenwoordig is dat met de trein een kleine tien minuten. Van Deventer naar Zwolle rekent de tabel zes uren. De spoorwegen rekenen ongeveer 24 minuten.

Detail stedenwijzertje, collectie Historisch Centrum Overijssel
Vroeger werd er net als nu gereisd. Handelsreizigers, boodschappers of mensen op weg naar een markt begaven zich op weg. Geen navigatiesysteem en asfalt maar men ging per trekschuit en koets op pad, met een afstandstabel in de zak. Waarschijnlijk is deze stedenwijzer ooit door het Provinciaal Rijksarchief aangekocht vanwege de schoonheid en de historische waarde. Maar er is meer dan alleen schoonheid. Deze afstandstabel plaatst onze huidige reislust even weer in perspectief. Sinds de laatste vijftig jaar is het reizen zo gemakkelijk en gewoon geworden, dat we er eigenlijk niet meer bij stilstaan. Maar aan ons reisgemak gaat een lange geschiedenis vooraf. Stap voor stap (en soms sprong voor sprong) werd de infrastructuur verbeterd. Uren gaans zeggen we niet meer, maar we kloppen onze vakantiebestemming in en we knallen naar een vakantieoord. Met dit stedenwijzertje kunnen we even stilstaan bij die grote sprongen voorwaarts.

- Ester Smit, team Collecties