In gevecht met een grote van Olst

  • Kaart NL-ZlHCO_0157.1_1451
02-05-2019

Terug tot het jaar 1207
De geschiedenis van de marken in Overijssel gaat ver terug, soms zelfs tot in de dertiende eeuw. De eerste vermelding erover dateert uit 1207. Verder laat het begrip ‘marke’, zoals valt te lezen in de inleiding op de Inventaris van de Marken in de provincie Overijssel (archieftoegang 0157), zich maar moeilijk uitleggen. We worden desondanks een beetje wijzer. Een marke is kort gezegd een instelling waarvan de leden gebruikersrechten uitoefenden, uitgedrukt in aantal waardelen. Een waar, staat in de inleiding van 0157 ‘gaf het recht om een bepaald aantal koeien of schapen op de gemeenschappelijke gronden te laten weiden, […] of hout te hakken’. De rechten en plichten van de markegenoten verschilden per marke.

Piepklein landsnippertje
De oudste marken lagen langs de rivieren de IJssel en de Vecht, en in Twente. Door de eeuwen heen loopt Overijssel helemaal vol met marken. In de achttiende is het Land van Vollenhove als laatste aan de beurt. De geschiedenis van de marken verloopt grillig. Liet men in de achttiende eeuw wat gedachten gaan over een eventuele algemene verdeling van de gemeenschappelijke markegronden; ergens anders was dat proces in de dertiende eeuw al begonnen. We zouden kunnen zeggen dat door de hervormingen van de grondbelasting, in 1807 het proces van de verdelingen van de gemeenschappelijke markegronden werd bespoedigd. Al duurde het tot 1903 voordat bijvoorbeeld de marke Assendorp werd verdeeld. Tot een volledige ontbinding kwam het niet altijd. Sommige marken bestaan nog steeds, zij leven echter voort als gezelligheidsverenigingen. Heel af en toe, is her en der een piepklein snippertje grond ergens in Overijssel nog gemeenschappelijk eigendom.

Kaart NL-ZlHCO_0157.1_1451

Bij grondbezit horen kaarten
Bij de verdelingen van de gemeenschappelijke markegronden werden de prachtigste kaarten gemaakt. Maar ook eerder in de tijd gingen landmeters aan het werk, om bijvoorbeeld informatie te verkrijgen over de locatie van bepaalde gronden, of om eenvoudigweg iets ter verduidelijking aan te geven in een dossier. In toegang 0157.1 zijn de markekaarten gerangschikt. Ze zijn stuk voor stuk prachtig, veilig opgeborgen in Historisch Centrum Overijssel. Eentje springt er door het formaat duidelijk uit. Het oeroude lompenpapier is versterkt met dragerdelen, ook van papier. De kaart voelt dik aan. Openvouwen is een gevecht van kaart tot kaartbeheerder. Wie voorzichtig doet wint. Onder onze ogen ontvouwt zich, meer dan twee meter lang en meer dan een halve meter hoog een schitterend tafereel. Het gaat om kaart met kenmerk 0157.1, inventarisnummer 1451. De landerijen zijn in groentinten weergegeven. Het groen ziet eruit alsof de kaart gisteren is gekleurd.

Detail kaart NL-ZlHCO_0157.1_1451
Naam van de maker
Als we bekomen zijn van de pracht en praal, ademen we diep in en kijken we nog eens goed. De hoofdkleur is zoals gezegd groen. Het noorden is, volgens de wat sobere noordpijl, rechts. De kaart geeft het gebied van de Olsterwaarden in Sallandse roeden weer. Beneden in de rechterhoek staan meer gegevens. J. (of I.) Knoop was de maker, en -écht waar- Demensus est ac delineavit, ‘de hoeveelheid gemeten zoals afgebeeld’ schreef hij. Een manuscript, dus we hebben te doen met een uniek exemplaar. Er is wel iets met de kaart aan de hand.

Detail kaart NL-ZlHCO_0157.1_1451
Gerommel met cijfers?
Een jaartal in Romeinse cijfers, of iets wat ervoor doorging; we zien C – I, dan een C andersom, een I, weer een omgekeerde C, dan CC I en dan XXIX, wat zonder twijfel 29 betekent. In vroeger eeuwen maakten ze er een heus letterspel van, de combinatie C I en omgekeerde C staat voor de letter M, dat het duizendtal uitdrukt. Duizend, iets ertussen in en dan 29, 1629? 1729? 1829? Bij de marke-archieven en -kaarten is alles mogelijk. Een I plus omgekeerde C verving de letter D, wat stond voor het getal 500, CC staat voor 200. Duizend plus 500 plus 200 plus twintig plus tien min één, 1729 volgens Romeinse logica. We kunnen het nakijken op een omrekenmachine waarvan er legio te vinden zijn op Google. Echter, er blijft een streepje over: tussen de dubbele C en de XXIX staat ie. MDCC, 17 dan een I, en XXIX, 1729, staat ook in de inventaris. Maar wat doet die I tussen de CC en XX? De omrekentabellen blijven halsstarrig weigeren als ik de I invoer. We houden het maar op een fout van Knoop, in 1729. Maar dat is het enige wat is aan te merken op de kaart, want nauwgezet was hij wel: de Olsterwaarden liggen er nog precies zo bij.

- Ester Smit, team Collecties