14.45 uur 'Sporen van adellijk zelfbewustzijn en identiteit in de archieven Van Dedem', door Jan Wigger.
15.15 uur Slotbeschouwing door de dagvoorzitter.
15.30 uur Theepauze
16.00 uur Presentatie van de inventarissen van de archieven Van Dedem (Den Berg, Den Alerdinck, De Colckhof, Den Aalshorst, De Rollecate, Vosbergen) aan de voorzitter van de Hoge Raad van
Adel, drs C.O.A. baron Schimmelpenninck van der Oije.
16.30 uur Borrel
18.00 uur Einde programma
- Yme Kuiper is bijzonder hoogleraar in de religieuze en historische antropologie aan de Rijksuniversiteit Groningen. 'Historische antropologie van elites' is een van zijn onderzoeksterreinen. Hij promoveerde in 1993 op Adel in Friesland, 1780-1880.
Vanaf de jaren 1980 is het onderzoek naar 'adel in de Nederlandse geschiedenis' de Nederlandse historiografie binnengeslopen. De manieren waarop dat onderzoek plaatsvond is, zoals verwacht mag worden, een afspiegeling van trends die zich in het historisch onderzoek de afgelopen decennia hebben voorgedaan.
Om welke trends ging het? En wat is daarbij bereikt op het vlak van onderzoek naar adelscultuur, in het bijzonder voor concepten als ‘familie’ en ‘identiteit’?
-
Dr Elsbeth Locher-Scholten is verbonden aan de Rijksuniversiteit Utrecht. Haar onderzoek concentreert zich op de geschiedenis van Indonesië in de koloniale periode, met name de negentiende en twintigste eeuw. In 2007 verscheen in samenwerking met Bob de Graaff J.P. graaf van Limburg Stirum 1873-1948. Tegendraads landvoogd en diplomaat.
Nee, het zit niet in de genen. Adellijk zelfbesef is een sociale constructie die in opvoeding en sociale contacten (al dan niet) wordt ontwikkeld. Daarmee is dit zelfbesef een historisch verschijnsel dat naar tijd en plaats vorm krijgt.
Hoe leefde het besef tot de oudste Europese adel te behoren bij J.P. van Limburg Stirum (1873-1948) en zijn echtgenote C.M.R. gravin van Limburg Stirum-van Sminia (1875-1955)?
Hoe kleurde dat de carrière en het persoonlijk leven van deze landvoogd van Nederlands Indië (1916-1921) en vooroorlogse diplomaat, geposteerd in onder meer Berlijn en Londen?
Aan de hand van de biografie van Bob de Graaff en mezelf uit 2007 èn van nadien ontdekte familiepapieren spreek ik over het zelfbesef, zoals dat in het werkleven van dit echtpaar en in de omgang met familie en familiegoederen naar voren komt.
-
Ileen Montijn is historica en schrijfster. Momenteel werkt zij aan een boek over beeld, zelfbeeld en verhalen bij de adel in Nederland in de periode circa 1760-2010, dat volgend jaar zal verschijnen bij Uitgeverij Contact.
Van adel zijn kan niet in het verborgene. Het speelt zich vanouds af in een decor dat het aristocratische beeld bevestigt; bij voorkeur een rustiek decor, want een landjonker gaat boven een saletjonker.
Toch was Den Haag honderd jaar geleden nog dé adelsstad van Nederland. Maar in de stad of buiten, het adellijke leven vroeg om een respectabel huis, een passend interieur, een welvoorziene tafel, gedienstig personeel - om maar een paar dingen te noemen. Daarbij was ‘oud’ beter dan ‘nieuw’ en was slijtage, om niet te zeggen 'shabby chic', een distinctiemiddel. Het adellijk bestaan is nu eenmaal vol paradoxen.
-
Albert Gevers Mensema was tot het najaar 2007 als archivaris verbonden aan het HCO. Hij inventariseerde vele Overijsselse huis- en familiearchieven en heeft veel gepubliceerd over Overijsselse adellijke families en havezaten.
Samen met jhr A. Gevers publiceerde hij de reeks 'De havezaten in Salland', resp. Twente en Vollenhove en hun bewoners, verschenen in 1982, 1995 en 2004.
-
Jan Wigger is als archivaris werkzaam op het Historisch Centrum Overijssel. Hij is inventarisator van onder andere een aantal (adellijke) huis- en familiearchieven. Hij publiceert over provinciale en regionale geschiedenis, met nadruk op Noord-Oost Twente.
In een power-point-presentatie toont Jan Wigger bijzondere stukken uit de Van Dedem archieven als illustratie van sporen van adellijk zelfbewustzijn en identiteit.
- Deelname aan het symposium is gratis.
- De lunch kost 7,50 euro.
Het auditorium van het HCO biedt ruimte aan maximaal 125 personen. Dit aantal is inmiddels bereikt en de inschrijving is om die reden gesloten.
Een beperkt aantal aanmelders boven de 125 personen krijgt bericht over de toelating tot het symposium.