print deze pagina

pijlHistorische avond: De landbouwkoloniën van de Maatschappij van Weldadigheid


1 okt.
Bij het woord 'kolonie' denk je aan een ver land aan de andere kant van de aardbol. Maar vanaf 1818 trekken ook Zwolse 'kolonisten' naar zuidwest-Drenthe.

Deze koloniën werden in het begin van de negentiende eeuw in Drenthe  gesticht. De in 1818 opgerichte Maatschappij van Weldadigheid wilde daarmee verarmde landgenoten uit hun toestand van 'diepe ellende en daaruit spruitende zedelijke verbastering' halen.

Met financiële steun van de beter gesitueerde Zwollenaren proberen de kolonisten een nieuw bestaan op te bouwen in nieuw-opgerichte koloniën als Frederiksoord en Willemsoord.

Wil Schackmann schreef het boek De Proefkolonie, vlijt, vaderlijke tucht en het weldadig karakter onzer natie (2006). Daarin weet hij dankzij het archief van de Maatschappij van Weldadigheid heel 'dichtbij' de eerste bewoners van de koloniën te komen. Hij volgt bijna van dag tot dag hun belevenissen en hun gevoelens bij de 'weldadigheid' die ze ondergaan.

Het Historisch Nieuwsblad schreef: ´Het komt niet vaak voor dat een historicus het leven van gewone mensen uit de tijd voor de twintigste eeuw kan beschrijven. Daarom is Schackmanns boek buitengewoon waardevol.

Subcommissie van weldadigheid

Op donderdagavond 1 oktober vertelt hij in het Historisch Centrum Overijssel over de 'subcommissie van weldadigheid Zwolle' en over het leven op de kolonie aan de hand van de belevenissen van Zwolle kolonisten.

Hij vertelt over de eerste Zwollenaar Hendrik van Ommen die op de leeftijd van 64 jaar (!) moet worden omgeschoold tot landarbeider - maar voor wie de directie de vriendelijke formulering 'ijver naar zijn vermogen’ overheeft;
over de weduwe Lutgering die koloniaal eigendom, te weten 'zoogenaamde braadaardappelen' doorverkoopt en wordt gestraft met 'twee etmalen op water en brood in het cachot van kol 1';
over de regenten van de Hervormde Armenkamer Zwolle die met tamelijk losse hand weeskinderen in de kolonie plaatsen, waarvan de meeste wel goed terecht komen, al belandt er wel eens eentje in de strafkolonie;
over een Zwolse wijkmeester die wordt ontslagen 'als zijnde hij zeer langzaam in al zijn doen, komt dus niet waar hij wezen moet' en nog veel meer.

Uit: Overijsselse Courant, overgenomen in Staatscourant 06-07-1820

Zwolle, den 3 julij. 1820

Wederom zijn wij in de gelegenheid, onzen lezeren te berigten, dat,  op den 30sten junij 1820, door de leden van de commissie der maatschappij van weldadigheid alhier, twee behoeftige huisgezinnen met namen Pieter van Veen, en deszelfs huisvrouw Geertje Akkerhuis met vijf kinderen, en Hendrik Jan Lutgering met deszelfs huisvrouw Wilhelmina Nijboer, insgelijks met vijf kinderen, naar Frederiksoord zijn opgezonden.

Statoin Zwolle



terug naar agendaoverzicht
laatst gewijzigd op: 31 aug. 2009
 Terug naar boven
  (C) 2006-2011 Historisch Centrum Overijssel Sitemap | Disclaimer