De Almelose voetbalclub is op zijn spoor gezet door iemand van textielfabrikant Ten Cate, die in Zuid-Afrika bezig is een dochter-onderneming op te zetten.
|
Naam: Darius (naar de koning van Perzië) Mfana (Zulu voor ‘jongen’) Themba (Zulu voor ‘hoopgevend’) Dhlomo |
 |
Geboren: 1931, Durban (Zuid Afika) Beroep: leraar, voetballer, bokser, muzikant, jongerenwerker, opbouw-werker, activist, gemeenteraadslid |
 |
|
Sportprestaties (tot en met 1958):
Aanvoerder voetbalteam Baumann-ville City Blacks in Durban; Aanvoerder nationaal voetbalteam Natal; Bokskampioen (middengewicht) Natal |
 |
|
Sportprestaties (na 1958):
Voetballer voor Heracles, Vitesse, DHC, Enschedese Boys Tubantia; Ongeslagen in 12 bokspartijen, o.a. tegen Nederlands kampioen Kokmeyer |
 |
Zuid Afrika
"Dhlomo is de ster van de Baumannville City Blacks uit Durban en aanvoerder van het zwarte team van Natal. En hij is niet alleen een goede voetballer. Hij is bokskampioen van Natal in het halfzwaargewicht en zingt bij een jazzquintet. Voetballer, bokser muzikant: “Darius Dhlomo, man of many talents” - zo kopt het tijdschrift Drum.
Voetballer, bokser en muzikant in Almelo
Op aandringen van een broer en zus gaat hij in 1958 in op de uitnodiging van Heracles. De hartelijkheid waarmee hij door de blanke Hollanders wordt ontvangen, verbijstert hem. Al snel wint hij in Almelo en verre omstreken alle harten: als voetballer, als bokser én als muzikant. Op het veld is hij als linkshalf een sterke regisseur, met een machtig schot in het linkerbeen.
Eén van degenen die dankbaar gebruik maakt van de kwaliteiten van Dhlomo, is steraanvaller Joop Schuman. Ook andere clubs -Vitesse, DHC, Enschedese Boys, Tubantia- kunnen later profiteren van zijn inzet en inzicht als voetballer én als mens. Maar ‘de jaren in Almelo blijven voor Dhlomo voor altijd het “turning point” in zijn leven: ze hebben zijn hart zwart-wit gekleurd.’
Enschedese Boys
Als Darius Dhlomo in 1962 voor Enschedese Boys speelt, treft hij daar in de voorhoede een levende legende: Abe Lenstra. ‘Hard werken deed hij niet, maar hij was de beste positie-speler in Nederland’, herinnert hij zich, nog altijd vol bewondering. ‘We voelden elkaar perfect aan en ik kon hem blindelings vinden.’
Schaatsen
Lenstra is ook een voortreffelijk schaatser en hij vindt dat zijn ploeggenoot die sport moest leren. Hij sleept Darius mee naar de ondergelopen tennisbaan in het Volkspark en zet hem op een paar doorlopers. ‘Voor beginners is dat gemakkelijker’, zegt hij.
Er ligt een dik pak sneeuw. De eerste passen gaan met veel vallen en opstaan. Op een gegeven moment steekt er alleen nog maar een zwart gezicht uit een witte berg sneeuw. Ze kunnen er allebei hartelijk om lachen. Het ‘pootje over’ gaat eerst nog moeilijk op de kleine, rechthoekige baan, maar binnen veertien dagen heeft Darius, die voor zijn komst naar Nederland nog nooit een ijsbaan had gezien, de slag te pakken. Met dank aan Abe.